De gemeente Zoetermeer wil haar buitengewoon opsporingsambtenaren permanent uitrusten met een korte wapenstok, omdat handhavers zich steeds vaker onveilig voelen op straat. Met een officiële aanvraag bij het ministerie van Justitie en Veiligheid hoopt de stad hun bescherming structureel te verbeteren.
Landelijke proef
Zoetermeer nam in 2021 en 2022 deel aan een landelijke proef waarin tien gemeenten hun boa’s tijdelijk toestemming gaven om een wapenstok te dragen. Volgens de gemeente leverde die proef positieve resultaten op. Boa’s gaven aan zich zekerder te voelen tijdens hun werkzaamheden en incidenten met agressie namen af. De zichtbaarheid van de wapenstok zou een preventieve werking hebben gehad, omdat mensen minder snel de confrontatie aangingen. Na afloop van de proef startte Zoetermeer direct de procedure om het middel definitief toe te voegen aan de standaarduitrusting, maar dat traject verloopt volgens het college traag en omslachtig.
Frustrerende gang van zaken
Pas op 1 oktober 2025 ontving de gemeente een zogenoemd neutraal advies van de politie en het Openbaar Ministerie. Dat houdt in dat er geen bezwaren zijn, maar ook geen expliciete steun. De uiteindelijke beslissing ligt bij het ministerie van Justitie en Veiligheid. Burgemeester Michel Bezuijen spreekt van een frustrerende gang van zaken. Volgens hem verhardt de samenleving en krijgen boa’s steeds vaker te maken met agressie en onvoorspelbare situaties. Als werkgever wil de gemeente haar handhavers beter beschermen en dringt zij aan op snelle duidelijkheid vanuit Den Haag.
